Overlijden

Printvriendelijke versie

Als u in de sector werkt en u komt onverhoopt te overlijden, krijgt uw partner maandelijks partnerpensioen. Dat is 70% van het ouderdomspensioen dat u zou opbouwen als u tot uw 65e zou werken. Uw kinderen krijgen tot hun 18e verjaardag 14% (28% bij overlijden van beide ouders). Of tot hun 27e als zij nog studeren. De hoogte van de uitkeringen hangt af van uw salaris en van het aantal jaren dat u in de sector hebt gewerkt. In de nieuwe pensioenregeling is het partnerpensioen op risicobasis verzekerd. Toch kunt u alsnog partnerpensioen krijgen. Wat u daarvoor moet doen leest u op de pagina Pensioen uitruilen. Als u gescheiden bent heeft uw ex-partner recht op bijzonder partnerpensioen. Meer hierover leest u op de pagina Partnerpensioen.

Een overlijden melden
Een overlijden moet altijd bij de burgerlijke stand worden doorgegeven. De burgerlijke stand geeft het overlijden automatisch door aan het pensioenfonds. Het pensioenfonds neemt dan contact op met de nabestaanden. Als het pensioenfonds een maand na het overlijden nog geen contact heeft opgenomen, dan kan het overlijden ook rechtstreeks bij het pensioenfonds worden gemeld. Bent u niet gehuwd of geregistreerd partner maar samenwonend, dan moet uw nabestaande zich bij uw overlijden rechtstreeks bij het pensioenfonds melden. U vindt de gegevens bij Contact.